DDigitaliseringdilemma

  • Deel van de kaart Marken in groen
02-06-2019

Mysterie opgelost
Allereerst: hartelijk dank voor de vele reacties op het stuk In gevecht met een grote van Olst. Het is bemoedigend om te merken hoeveel mensen de stukken lezen. Nog leuker is het dat er altijd iets te leren valt. Het vuiltje onderaan de I, vormt het streepje dat de L vormt, zo meldden twee reacties. Uw kaartbeheerder werd door een foutief jaartal op het verkeerde been gezet. Iemand schreef ‘gezien de fraaie kaart, kan ik me niet voorstellen dat hij [de kaartmaker Knoop] met het jaartal een fout heeft gemaakt’. ‘Dat in de inventaris 1729 staat, kan ook een foutje zijn’. Volkomen terecht. Inderdaad moet het 1779 zijn. Mysterie opgelost. Iedereen hartelijk dank voor de genomen moeite!
 

Digitaliseringdilemma
 

Zonder nummer maar toch bekend
In het depot in Zwolle ligt een kaart, zonder nummer en zonder toegang. Omdat duidelijk de marke van Wierden en de marke van Ypelo worden aangegeven, en de typografie overeenkomstig is met de kaarten uit toegang 0157.1 gaat het wel om een markekaart. De kaart ligt netjes opgevouwen in een lade. Wie de kaart ontvouwt ziet een prachtig exemplaar, met mooie noordpijl en de gebiedsaanduidingen van de marken in groen. De kaart heeft een groot formaat en is door het brede aanzetstuk links onderaan ietwat moeizaam te hanteren. Daar waar het brede stuk naar binnen gevouwen wordt, zit een scheurtje, hoewel het stevige lompenpapier van goede kwaliteit is. In sommige vouwen zitten wat verkleuringen door vochtschade uit het vroegere verleden.

Deel van de kaart Marken in groen
De kaart is -zo staat rechts van het aanzetstuk- in 1805 vervaardigd door G. Verbeek. Links bovenaan is zoals dat vroeger gebruikelijk was een document met een lias bevestigd. ‘Behoort tot de hier annexe [bijgevoegde] kaart van een gedeelte der Marke Ypelo’ zo staat er. Het document is ondertekend met ‘Oldenzaal 16 maart 1807. J. W. Racer.’ Er wordt afgesloten met een ‘exhibitum in judicio, Ootm[arsum] den 7 april 1807. In fidem C.F.H. Putman- Cramer, landm[eter]’.Het geheel is bestendigd met een lakzegel, dat nog helemaal intact is, vrij uniek voor wat betreft kartografisch materiaal.

Kaart opengevouwen met document en zegel
Deze niet
De markenkaarten zijn opgenomen in de inventaris en van de meeste zijn digitale afgeleiden. Deze bestanden worden uiteraard een keer gekoppeld aan de beschrijvingen in de inventaris. Deze kaart is niet gedigitaliseerd, vermoedelijk omdat het stuk is zoals het is: opgevouwen, beetje schade, met een intact zegel en geliaseerd. Hoe pak je zoiets aan? Een klepscanapparaat is te klein voor deze kaart, bovendien kan door het aanzetstuk de klep niet dicht omdat de kaart dan aan alle kanten uitsteekt. Digitaliseren met een doorvoerscanner is onmogelijk, het geliaseerde document zou er door de lias (het touwtje) afscheuren, met schade aan kaart en aan de bevestigde bijlage als gevolg. Moeten we de meer dan 200 jaar oude lias doorknippen? Dat is een dilemma, en we moeten weloverwogen en zorgvuldig de voor- en tegens afwegen. Na digitaliseren zouden we de verbinding weer moeten herstellen, maar hoe en door wie? Vooralsnog geldt: niet iets kapot maken als we het niet kunnen repareren (hoe klein ook).

Lias, stukje touw
En dan het onbeschadigde zegel, dat door de apparatuur ongetwijfeld zal beschadigen als we het stuk zouden scannen. Als optie zou het zegel gefotografeerd kunnen worden met strijklicht; een duur en tijdrovend karwei. Vervolgens zou de kaart met een goede camera gefotografeerd kunnen worden. Blijft de vraag wat te doen met de lias, en het bevestigde document. Wederom duur en tijdrovend. Kortom, vele dilemma’s, waar het laatste woord niet is over gezegd. Van een rigoureuze aanpak (doorknippen lias en daarmee beschadigen van het stuk en aantasten van de samenhang) is duidelijk geen sprake, dat gaat tegen onze huidige beroepscodes in.

Kortom, iedereen mag de kaart komen inzien op de studiezaal (mocht u dat willen), maar een scan kunnen we er niet van maken.

- Ester Smit, team Collecties